Waarom je beter niet meer op de weegschaal gaat staan

Hallo, ik ben Kevin, diëtist gespecialiseerd in vetverlies en ik ga ondertussen al jaren niet meer op de weegschaal gaan staan.
Waarom ga je dan beter niet op de weegschaal gaan staan? Wel het onderstaande zal je jammer genoeg wel bekend in de oren klinken.
Je bent al dagen gezond aan het eten, je leeft praktisch op de loopband en de winkelbediende vraagt steevast of je konijnen hebt als je aan de kassa jouw 20 kilo groenten laat wegen. Dan eindelijk… het moment van de waarheid, je staat op de weegschaal EN…. Er is geen grammetje af of in het ergste geval ben je zelfs bijgekomen! 😭

Waarom je beter niet meer op de weegschaal gaat staan

Echt om te huilen niet? 😪

Toch is er een zeer logische verklaring voor!

Verschil tussen lichaamsgewicht en vetmassa

Lichaamsgewicht en vetmassa zijn twee compleet verschillende parameters. Zo is vetmassa een onderdeel van je lichaamsgewicht, maar je lichaamsgewicht is veel meer dan enkel vetmassa.

Wat wil jij verliezen als je afvalt? Wil je spiermassa verliezen of botmassa of organen of bloed? Nee, natuurlijk wil je enkel vetmassa verliezen.
Maar de weegschaal meet veel meer dan enkel de vetmassa. Het is dus moeilijk om aan de hand van de weegschaal te bepalen of je al dan niet vet aan het verliezen bent.

Je lichaamsgewicht wordt in meer of mindere mate beïnvloed door de verschillende onderdelen waaruit het bestaat.
Niet elk onderdeel beïnvloed een stijging en daling van het gewicht evenveel. Zo zijn er onderdelen die ervoor kunnen zorgen dat het lichaamsgewicht plots 1 kilo kan stijgen, maar anderzijds zijn er ook onderdelen die zo goed als stabiel blijven.

Minimale schommeling in lichaamsgewicht

Botmassa, zenuwstelsel, organen en bloed blijven een relatief stabiel gewicht hebben. Meestal word je niet wakker in een bad met ijs na een fout feestje om op te merken dat je nieren eruit gehaald zijn.

Beperkte schommeling in lichaamsgewicht

Spiermassa en vetmassa kunnen voor beperkte schommelingen in het lichaamsgewicht zorgen.

Spiermassa

Je hoort regelmatig: ik ben niet afgevallen, maar ik ben wel vet kwijt. Vaak bedoelen ze dan dat ze spiermassa bijgekomen zijn en vetmassa verloren zijn. Dit gebeurt echter helemaal niet vaak. Soms kan dit gebeuren over de jaren heen, maar in enkele weken tijd is dit meestal niet mogelijk.
Zo stijgt of daalt je spiermassa niet snel. In zeer uitzonderlijke situaties van stress (zowel fysiek, zoals brandwonden en mentaal) en inactiviteit kan je meer spiermassa verliezen, maar dit gebeurt normaal niet snel. Toch niet snel genoeg om op één dag tijd een impact te hebben op je gewicht op de weegschaal.
Spiermassa bijkomen gaat ook traag. Bij een vrouw gaat spiermassa opbouwen al veel trager dan bij een man. De meeste mannen kunnen niet meer dan 10-15 kilo spiermassa bijkomen in hun eerste jaar krachttraining en hierna daalt dat exponentieel. Iemand die goed getraind is mag al blij zijn met een toename van 5 kilo spiermassa per jaar.

Spiermassa gaat er dus niet voor zorgen dat je plots 1 kilo meer of minder weegt.

Vetmassa

1 kilo lichaamsvet is 7000 kcal. Om 1 kg vet bij te komen moet je dus 7000 kcal meer eten dan dat je verbruikt en om 1 kilo vet te verliezen moet je 7000 kcal minder eten dan dat je verbruikt. Iedereen die weet wat een calorie is, weet dus dat je niet plots 1 kilo vetmassa kan bijkomen of verliezen.

Stel dat je 2000 kcal verbruikt op een dag en je eet slechts 1000 kcal per dag (wat voor 99% van de mensen veel te weinig is), dan ga je dus 1 kilo vet verliezen per week. Als je nu eens een hele dag niets eet, maar wel veel beweegt, dan val je wel snel af hé? Wel euh, de meesten zullen dan rond de 250 gram vet verliezen. 🙊 Slik… Dat is niet snel hé? Gelukkig is  duurzaam afvallen toch veel beter!

Wat ik hier gewoon wil duidelijk maken is dat je dus niet plots 1 kilo kan afvallen door vet te verliezen en gelukkig kan je ook niet 1 kilo vet bijkomen op 1 dag tijd (tenzij je 9000 kcal eet). Uiteraard word je lichaamsgewicht beïnvloed door je lichaamsvet, maar in beperkte mate. Stel dat je 500 kcal per dat minder eet dan dat je verbruikt, wat voor velen realistisch is, dan ga je 71 gram vet verliezen per dag. Dus door de weken heen gaat dit zeker je gewicht beïnvloeden, maar op enkele dagen tijd ga je dit vaak niet duidelijk zien op de weegschaal. Dus elke dag op de weegschaal staan heeft dus zeker niet veel nut!

Grote schommeling in lichaamsgewicht

Koolhydraatvoorraad, maag- en darminhoud en lichaamsvocht kunnen je gewicht zeer veel beïnvloeden. Het zijn deze factoren die ervoor zorgen dat mensen denken dat ze in korte tijd veel vet kunnen verliezen (wat niet zo is, want gewichtsverlies is geen vetverlies). Het zijn ook deze parameters die ervoor zorgen dat de meesten gefrustreerd op de weegschaal staan. Er zijn bijvoorbeeld  heel wat factoren die het lichaamsvocht beïnvloeden: medische aandoeningen, medicatie, stress, menstruatiecyclus, omgevingstemperatuur, voeding,.. .

2 kilo bijkomen

Je bent gisteren gaan uit eten of je hebt eens een ‘cheat’ dag gehad en de dag erna weeg je 1 tot 3 kilo meer, frustrerend hé. Toch heeft dat zo goed als niets te maken met vetmassa. Als je eens meer eet gaat je maag- en darminhoud stijgen, jouw koolhydraatvoorraad neemt toe en jouw lichaamsvocht stijgt. Hierdoor kan je dus meer dan 1 kilo bijkomen, terwijl je vetmassa niet of zeer weinig gestegen is!

2 kilo afvallen

Je hebt een hele dag niet veel gegeten en wat bewogen. Hierdoor gaat je lichaamsvocht, koolhydraatvoorraad en maag- en darminhoud dalen. Dit kan zelfs zoveel dalen dat je meer dan 2 kilo afvalt op 1 dag tijd. Dit heeft echter niet perse veel te maken met vetmassa, want je vetmassa kan niet zo snel dalen zoals je hierboven las.

De weegschaal is een slechte parameter!

Op korte termijn (1-7 dagen) kan je aan de hand van jouw lichaamsgewicht moeilijk bepalen of je al dan niet vet aan het verliezen bent.
Op lange termijn kan je wel een trend zien of je al dan niet aan het afvallen of het bijkomen bent. Rekening mee houdend dat je spiermassa ongeveer stabiel blijft kan je daarmee wel een stijging of daling van je vetmassa bepalen. Een applicatie die je een beter beeld heeft hierover is happy scale (apple) of libra (android).

Deze applicatie geeft weer hoeveel gewicht je gemiddeld verliest a.d.h.v. een trendlijn. Dit verteld dus veel meer dan de getallen op zichzelf.
Om deze applicatie te gebruiken moet je jou natuurlijk nog steeds wegen en dat is niet voor iedereen aan te raden.

Ben jij de geschikte persoon om zich regelmatig te wegen?

Er zijn maar weinig mensen die zich kunnen wegen en ongeacht het resultaat op de weegschaal gewoon verder kunnen doorzetten.
Als je alles goed in context kan plaatsen en je gedrag en emoties niet beïnvloed worden door het getal op de weegschaal kan je jou eventueel af en toe eens wegen en je gewicht als één van de parameters gebruiken om te bepalen of je al dan niet vet aan het verliezen bent.

99% van de mensen wegen zich dus wellicht beter niet!

Deze persoon weegt zicht beter niet:

  • Je bent een obsessieve weger: je staat meerdere keren per dag op de weegschaal.
  • Je gedrag die dag wordt beïnvloed door het getal op de weegschaal.
  • Het getal op de weegschaal beïnvloed jouw emoties.
  • Je bent gedemotiveerd als je meer weegt dan je verwacht.

De meeste mensen staan dus beter niet op de weegschaal. Het bespaart je veel kopzorgen! 😥

Wat moet je dus met jouw weegschaal doen? Wel hieronder heb ik een voorstel! 😈

Oké, zo extreem hoeft het niet te zijn.
Maar voor velen is de batterijen uit de weegschaal halen of de weegschaal op een andere kamer zetten (de favoriete kamer van mijn klanten hiervoor is de zolder 😅 ) of de weegschaal in een kast zetten, een goede beslissing!

Je staat dus beter niet meer op de weegschaal!

Ik hoor je al denken: ” Als ik niet meer op de weegschaal mag gaan staan, op welke manier weet ik dan of ik aan het afvallen ben?”.

Iets beter dan de weegschaal

We kunnen op verschillende manieren onze progressie bijhouden tijdens het afvallen. Je kan ze opsplitsen in objectieve en subjectieve parameters.

Objectieve parameters

Deze objectieve parameters zijn meetbaar, maar worden niet of in mindere mate beïnvloed door de koolhydraatvoorraad, maag- en darminhoud en lichaamsvocht. Deze parameters kunnen op korte termijn wel voor motivatie zorgen. Hieronder staan enkele voorbeelden:

  • Omtrekken, bijvoorbeeld de buikomtrek
  • Kledingmaat: past die broek, rokje of hemd nu beter dan 3 weken geleden?
  • Broeksriem of bh
  • Foto’s: om de maand kan je een foto nemen en deze naast elkaar leggen. In de spiegel zijn de verandering vaak zo geleidelijk dat je dit niet ziet.
  • Vetpercentagemeting: aan de hand van een vetpercentagemeting kan je te weten komen wat jouw vetmassa en lichaamssamenstelling is.

Subjectieve parameters

Subjectieve parameters zijn meer gevoelsmatig en moeilijker meetbaar. Toch zijn ze erg belangrijk. Het zijn onder andere deze parameters die zorgen voor lange termijn gewichtsstabilisatie. Hieronder staan er enkele voorbeelden:

  • Het gevoel dat afvallen geen opgave is
  • Meer automatisch i.p.v. bewust kiezen voor gezonde voeding
  • Meer zelfvertrouwen of meer energie
  • Geen hongergevoel
  • Geen dieet, maar een levensstijl

Besluit

Je gaat dus inderdaad beter niet meer op de weegschaal staan. Wil je jou toch perse wegen? Kijk dan in dat geval naar de trendlijn en niet naar het gewicht op zichzelf.